Categorie archief: Artikelen

Pioneer S-71B onder de loep

Pioneer S-71B front
Pioneer S-71B

Enige tijd geleden maakte ik kennis met de high-end divisie van Pioneer genaamd TAD Labs welke ik nog ken uit een verleden. Ik herinnerde mij de grote monitoren met de grote TH-4001 hoorn en TD-4001 driver. Deze uit de kluiten gewassen monitoren waren zowel verkrijgbaar als hifi luidspreker genaamd Exclusive (TSM-1) of als professionele studio monitor TAD 2401. De units waren ook voor derden beschikbaar als TAD drivers en hebben door de jaren heen een enorme reputatie opgebouwd en werden door diverse fabrikanten voor professionele toepassingen ingezet.

Iets meer dan 15 jaar geleden is de divisie van Pioneer nieuw leven in geblazen onder de naam TAD Labs waarbij het begon met een nieuw statement genaamd de Model 1. Een zeer grote 5-weg luidspreker systeem waarbij de mid-hoog Beryllium coaxiale unit het meest opvallende was ten opzichte van de voorgaande modellen. Inmiddels heeft de tijd niet stilgestaan en is de unit weer door ontwikkeld. Zoals wel vaker het geval is, profiteren de meer betaalbare luidsprekers van Pioneer ook bij deze ontwikkeling.

Zo viel mijn oog op de luidsprekers uit de 7 serie van Pioneer. De compacte S-71B is een kleine monitor die zich prima uitleent om eens aan de tand te voelen. Zo gezegd, zo gedaan. De afgelopen maand heb ik ruim de tijd gehad om de luidsprekers in verschillende opstellingen te beluisteren. Eerst in de geweldige akoestiek van mijn dagelijks werkplek in de Wisseloord Studio’s en later bij mij thuis in de woonkamer.

Pioneer concentric unit
Concentric unit

De S-71B is een compacte bookshelf luidspreker van 30 cm hoog, 18,1 cm breed en 27,6 cm diep en weegt 6,1 kg. Een kleine luidspreker met een stevige elliptische kast welke het voorkomen van interne resonanties minimaliseerd. Het hart van de luidspreker is een 13 cm concentrische weergever. Een concentrische unit (ook wel Coherent Source Transducer genoemd) is een woofer met in het midden, daar waar doorgaans de stofkap zich bevindt, een tweeter geplaatst. Op deze manier wordt namelijk een groot probleem bij conventionele luidsprekerontwerpen omzeild. Het verdelen van het geluid over 2 weergevers is vaak waar het verschil wordt gemaakt tussen een goede en slechte luidspreker. Deze kantel frequentie moet exact uitgekiend zijn zodat beide units op hun best presteren maar ook in tijdsverloop geen problemen geven. Er is namelijk bij een conventioneel luidsprekersysteem sprake van een fysieke afstand tussen de 2 weergevers en een frequentiegebied die ze samen moeten dekken voor een vlekkeloze overgang. Dit introduceert meetbare artefacten die uiteindelijk ook hoorbaar zullen zijn. Een concentrische unit heeft hier veel minder last van. Daarnaast is het afstraalgedrag van de tweeter en woofer vaak verschillend waardoor het off-axis frequentie verloop flink afwijkt van de on-axis prestaties. Dit alles zorgt ervoor het menselijk gehoor een minder coherent geluid zal ervaren.

Nieuw is het principe van een concentrische unit niet, we kennen een zelfde soort unit bij luidsprekersfabrikanten zoals Kef, Tannoy en Thiel. De manier waarop TAD Labs ze maakt vervaardigd van Beryllium is wel nieuw. De concentrische unit van de S-71B is gemaakt van Aramide en de tweeter is van Titanium en daardoor iets minder kostbaar om te produceren dan Beryllium.

Pioneer S-71B back
Aansluitingen achterkant

De S-71B heeft een prijskaartje van € 849,- voor een setje. Voor die prijs krijg je een mooi afgewerkte luidspreker met frontjes die verzonken zijn in het frontpaneel. In de doos zitten ook een paar randen welke op het frontpaneel kunnen worden gemonteerd wanneer je liever zonder de frontjes wil spelen. Hierdoor zijn de lelijke randen rond de concentrische unit mooi afgerond en ziet het er een stuk minder technisch uit. De luidsprekers laten zich eenvoudig aansluiten door de degelijke connectoren aan de achterzijde van de kast. Spades, bananenpluggen en blanke draad is geen probleem. Het rendement is aan de relatief lage kant met de 82 dB waardoor je een flinke versterker nodig hebt om ze tot leven te brengen.

Zoals eerder gezegd heb ik de luidsprekers in 2 situaties aan de tand kunnen voelen waardoor ik een goede algemene indruk heb kunnen krijgen. Het timbre van de luidspreker neigt naar de wat warme kant van het spectrum wat ansicht even wennen is ten opzichte van de luidsprekers waar ik dagelijks naar luister. Maar als je ze een tijdje geeft merk je toch dat je snel aan het geluid kan wennen. Ondanks dat het laag niet ver doorloopt heb je wel de indruk dat je naar een grotere luidspreker luistert dan je zou denken. Het hoog is aangenaam en op geen enkel moment over prominent.

Het meest sterkte punt van deze luidspreker is het ontbreken van nare (kamfilter) effecten bij het verplaatsen van je hoofd in de sweet-spot. Het geluid is dus over een redelijk groot oppervlakte consistent. Ondanks dat het midlaag gebied naar mijn gevoel iets teveel geprononceerd is, is het wel mogelijk om diep in het geluidsbeeld te duiken en alle details te horen. Een bijzonder luidsprekertje waarbij ik zeker weet dat hij ook voor professioneel mix gebruik inzetbaar is.

Pro’s

  • Compact
  • Prachtige afwerking
  • Zeer stabiel geluidsbeeld
  • Gedetailleerd

Con’s

  • Lage gevoeligheid waardoor een stevige versterker nodig is
  • Ietwat aan de warme kant
Advertenties

DIY Dance Mastering 101 (10 Tips)

DIY mastering 101_new
Maar al te vaak krijg ik de vraag of ik kan luisteren naar een dance productie om deze hierna te voorzien van feedback over hoe het klinkt en hoe het anders kan. Meestal is mijn taak ook om de track te masteren maar niet altijd. Ik begrijp dat kennelijk niet iedereen wil of kan investeren in professionele mastering door mij vandaar een aantal tips die je helpen bij het finishen van je productie. Verwacht geen stappenplan met alle trucjes, maar een paar tips die je een eind in de goede richting helpen..

1. Choose references

Zorg dat je een referentie track hebt die muziektechnisch niet te veel afwijkt van je eigen productie. Het hebben van een referentie track kan een goede guide zijn wanneer je niet de beschikking hebt tot een goed afluistersysteem en akoestische omgeving. Een goede hoofdtelefoon kan ook enorm helpen maar niets gaat boven een goed afluistersysteem in een speciaal ontworpen ruimte. Luister op een bescheiden afluisterniveau om luistervermoeidheid te voorkomen en neem op tijd een oorpauze.

2. Headroom

Bij het bouncen van je mix is het belangrijk dat je speelruimte / headroom bewaart voor het masteren. Het is niet nodig om op je masterbus heel hard uit te sturen naar 0 dBFS (piek) wanneer je van plan bent om de track nog eens te masteren. Een goede leidraad is rond de -2 dBFS (piek) en een ongeveer -14 dB (RMS) op de luidste / drukste / dichtste gedeeltes van je track. Plug-ins op je masterbus hoeven er niet allemaal afgehaald te worden, wanneer je ze gebruikt voor sound en feel en dus niet voor loudness doeleinden kunnen ze blijven zitten.

De Sonalksis FreeG is een goede meter plug-in die ik adviseer te downloaden wanneer je de RMS levels wil controleren.

3. File export

Of je voor de export van je mix nou 16 of 24-Bit, 44.1 kHz of 96 kHz gebruikt, vind ik voor de meeste elektronische dance producties niet interessant maar een MP3 vind ik niet kunnen. Letwel dat elke MP3 sample die je gebruikt later als gehele track ook weer eens door de MP3 encoding van je online distributeur (Soundcloud, Beatport, Dance-Tunes etc.) gaat met als gevolg een geluid wat nogmaals wordt gedegradeerd. Houd het dus gewoon bij AIFF of WAV files..

4. The perfect balance

Probeer objectief naar je track te luisteren voordat je deze gaat masteren. Het beste is om je mix een paar dagen te laten rusten om vervolgens te beginnen met de mastering (helemaal objectief zal het niet zijn aangezien jij zelf vaak al uren / dagen bezig bent geweest met je track, een externe mastering-engineer zal wel objectief zijn).

Luister of je ook iets opvalt aan de klankbalans, is er een bepaald frequentie gebied of bepaald fragment waarbij bepaalde tonen heel erg prominent aanwezig zijn? Wanneer bepaalde tonen te luid zijn, zou je deze kunnen reduceren met een equalisatie. Is het slechts een fragment? Dan is terug gaan naar de mix om een aanpassing te doen een betere optie.

Goed om te weten is dat prominente frequenties en tonen zeer hinderlijk kunnen zijn wanneer je track gedraaid wordt op 110 dB (a) SPL op een groot PA systeem in een club of festival.

5. Fix it in the mix

Om te voorkomen dat je tijdens het masteren blijft hangen op een bepaald fragment waar je met je mastering tools niet goed een oplossing voor kan vinden, is het slimmer om terug te gaan naar je mix en het probleem daar aan te pakken. Een oplossing is juist daar vaak veel eenvoudiger te vinden zonder dat het ten koste gaat van je totale sound..

6. To the max and beyond

De meeste producers willen een snoeiharde master maar dat is ook gelijk waar het misgaat met de mastering. Je kan 3 compressors en 2 limiters gebruiken die wellicht een RMS waarde van -4 dB (RMS) opleveren, maar de kans is zeer groot dat je track geen impact, punch of definitie meer heeft. En dat klinkt niet alleen in je home-studio ruk, maar ook in de club of op een festival.

Waar de trucjes precies zitten is een lastig verhaal en afhankelijk van veel factoren. De tip hier is om je niet blind te staren op meters en waardes maar luister naar de impact van je track en die is vaak hoger bij een waarde van -10 dB (RMS) dan bij -6 dB (RMS).

7. Stereo on steroids

Wat vaak vergeten wordt is dat stereo effecten en het pannen van instrumenten links en rechts veel ‘excitement’ en impact oplevert. Als je dit goed benut bij het mixen van je track, geeft dit achteraf veel winst op het gebied van luidheid en impact. Bij de mastering zou je nog eens moeten beoordelen hoe luid de Side (stereo informatie wanneer je gebruik maakt van een plug-in met M/S matrix) kanalen zijn. Maak je track niet te breed, dit gaat weer ten koste van de totale balans en impact van je mono informatie zoals de kick en baspartij.

8. Compress like the best

Compressie is een item waar veel misverstanden over bestaan. Natuurlijk is het een tool om de muziek of een bepaald instrument een technisch gezien een compacter / luider geluid te geven maar ik zelf zie het meer als ‘wave-shaping’ of effect. Bij dance muziek wordt compressie vaak als effect ingezet om een bepaalde groove of sound te krijgen die vaak ook erg bepalend is. Het maken van een groove of gesmashed effect doormiddel van compressie is iets voor de mix fase waar dit soort effecten veel beter controleerbaar zijn. Het maken van deze groove tijdens de mastering heeft zeker wel effect maar extreme settings leveren hier zelden tevredenstellende resultaten op.

9. Weapons of choice

Iedereen heeft zijn eigen voorkeur wat betreft gereedschap en een ultiem apparaat bestaat niet. Een paar tips qua plug-ins kan ik je wel geven. Leer jezelf aan om vergelijkingen te maken tussen plug-ins en settings én vraag jezelf wat je precies hoort veranderen en of de verandering een verbetering is. Doe dit altijd met gematched level zodat je jezelf niet voor de gek houdt.

Fabfilter (www.fabfilter.com)
Cytomic
(www.cytomic.com)
iZotope (www.izotope.com)
112 dB
(www.112db.com)
UAD
(www.uaudio.com)
DMG Audio
(www.dmgaudio.com)
Slate Digital
(www.slatedigital.com)

10. The finish

Een perfectionist is nooit klaar maar er zal een moment komen wanneer je je afvraagt of het nog wel beter wordt. In dat geval ben je je objectiviteit kwijt geraakt door dat je te lang bezig bent óf je bent in een fase dat je het maximale uit je track hebt gehaald. Bounce de file en beluister het op verschillende luidsprekers en plekken waar je goed bekend bent met het geluid..

De slimme Lynx Hilo

Lynx_Hilo

De Lynx Hilo is een hoogwaardige AD DA converter die al een ruime tijd verkrijgbaar is in Nederland. Lynx is voornamelijk bekend geworden met hun PCI geluidskaarten en de uitstekende Aurora converters welke in vele studio’s te vinden zijn.

Lynx_Hilo_rearDe Hilo is een compacte AD DA converter maar vergis je niet, dit is een state of the art converter systeem met heel veel mogelijkheden. Prik je er namelijk een LT-USB kaart in en je hebt een hoogwaardige interface die je vele mogelijkheden biedt. Zo heb je ongeveer 6 stereo in- en uitgangen (analoog XLR, AES, SPDIF) en een goede monitor DA met volume controller. Door het touchscreen laat alles zich eenvoudig bedienen en heb je eigenlijk geen software nodig. Eenvoudig maak je handige routings en selecteer je of je digitale PPM metering wil of de ouderwetse VU metering en welke in- of uitgang deze moet weergeven.

De Lynx Hilo is een zeer geschikte interface voor de kleine analoge mastering studio. Met de aanschaf van de Hilo heb je zo’n 4 apparaten in 1 compact doosje met een zeer hoogwaardige geluidskwaliteit. Het geluid is scherp gefocust, schoon en heeft niet zozeer een eigen geluidskenmerk. Mooi ding!

De nieuwe Benchmark

Afbeelding

Vorig jaar postte ik over een nieuwe aanschaf in de studio, het betrof de DAC1 van Benchmark die ook tot aan heden dienst doet in mijn studio als DA-converter en monitor-controller. Het bericht wat ik destijds schreef is hier te lezen: https://pdhogeterp.wordpress.com/2011/02/13/benchmark-topper/

Vandaag las ik dat dit zeer succesvol model een opvolger heeft gekregen. Nee, niet nog een andere versie van de DAC1 maar echt een nieuw model luisterend naar de naam DAC2 HGC. Van de DAC1 zijn er verschillende versies op de markt gebracht zoals bijvoorbeeld één met USB en een voorversterker versie met meerdere ingangen). De DAC2 is het nieuwe statement van Benchmark en de specificaties moeten dat onderbelichten.

  • Asynchrone USB aansluiting
  • 32-bit interne werkresolutie
  • UltraLock2 Jitter onderdrukking
  • 5 digitale inputs
  • 2 analoge inputs
  • 3 analoge outputs
  • DSD conversie

Op de website van Benchmark valt er meer over dit model te lezen (klik). Wat mij nog opviel en wat mij een goede verbetering lijkt, is de Hybrid Gain Control (HGC). Hiermee wordt de volume potentiometer sterk verbeterd ten opzichte van het model dat ik in de studio heb. Benchmark zegt dat met hun nieuwe ontwerp digitaal signaal nooit analoog door de volume potentiometer gaat en analoog signaal nooit digitaal. Dat maakt mij erg nieuwsgierig. Voor de Nederlandse adviesprijs moeten we nog even geduld hebben..

2 Limiters onder de loep..

Een aantal jaren geleden liep ik stage bij Sander van der Heide (toen nog in studio 3 van het pand Polyhymnia in Baarn) en was ik begonnen aan ‘de grote plug-in limiter’ test. Tot nu toe kwam er niets in de buurt van de hardware SPL Loudness Maximizer en waren we op zoek naar een plug-in welke loudness kan combineren met behoud van punch en klankbalans. Al heel snel bleek dat moderne limiters beschikken over hele verschillende algoritmes om dit te bewerkstellen en daardoor ook heel verschillend klinken.

In totaal heb toendertijd zo’n 28 limiters getest met het zelfde muziek materiaal. Geen van de geteste exemplaren had de loudness en het muzikale karakter van de SPL. Het is vrijwel onmogelijk om een limiter te maken die transparant is aangezien het dan iets onmogelijks moet doen. De SPL doet ook een hoorbare processing maar uiteindelijk is deze erg mooi en blijft de punch in het laag intact. Voor vele limiters is het opvangen van piekjes en transiënts geen probleem maar anders wordt het wanneer het muziek materiaal al iets compacter (lees: minder dynamisch) de limiter in gaat en het doel meer loudness is.

De meeste limiters die voorzien zijn van correct programmeer werk hebben de eigenschap dat ze een zeer lage vervorming hebben maar tasten vaak de transiënts en impact agressief aan. Daarentegen zijn er ook plug-ins die het niet niet zo nauw nemen met de correcte manier van limiting maar simpelweg voor een ‘dirty’ benadering gaan. Meer vervorming (door korte releases en instelbare look-ahead), soft-clipping en saturation om vervolgens meer punch over te houden. Van de inmiddels meer dan 35 limiters die we hebben getest geef ik nu 2 limiters de aandacht die beschikken over één van deze 2 verschillende ontwerpen. Beide zijn gemaakt in Nederland en verkrijgbaar voor betaalbare prijzen.


Jeroen Breebaart Barricade Pro ( € 10,- )

De eerste plug-in is de Barricade Pro van Jeroen Breebaart. Een complexe limiter met onder andere Waveform limiting, Envelope limiting, Loudness limiting en Correlation limiting. Vele instelbare parameters om zo onhoorbaar mogelijk verschillende vormen van limiting uit te voeren. Door de ISP (inter-sample peak analyses) weet je zeker dat je absoluut geen over-shoots krijgt. Om alle functies te begrijpen en het werken met de Barricade Pro onder de knie te krijgen is het aan te raden om er een tijdje mee te spelen. Een demo exemplaar kun je downloaden op zijn website ( www.jeroenbreebaart.com ) maar deze heeft helaas een aantal beperkingen. Aangezien de volledige plug-in voor slechts 10 euro voor jou is, is dit zeker een kopertje!

112 dB Big Blue Limiter ( € 99,- )

Aan de andere kant is er de Big Blue Limiter van 112 dB. Aan het uiterlijk kun je al zien dat deze meer een vintage limiter is. Met de drive knop geef je een hoop Gain en oversturing. De andere limiter activeer je door de threshold te verlagen en deze limiter is gebaseerd op een buizen emulatie met als gevolg een flinke kleur maar wel grotendeels behoud van de punch. 112 dB zegt dat deze limiter ook voor mastering doeleinden geschikt zou moeten zijn. Helaas kan ik mij bijna geen situatie voorstellen waar ik deze ‘kleur’ bewust zou kiezen. Tijdens het mixen kan ik mij wel voorstellen dat je deze sound zou kiezen voor bijvoorbeeld een drum bus. Op de 112 dB website vind je een trial versie welke 60 dagen kan gebruiken zonder enkele beperking (goed idee, naar mijn mening!).

Grote kleine monitor test

In de laatste editie van het magazine Interface staat de ‘Grote kleine monitor test’ die ik samen met Sander van der Heide en Michael de Gans (destijds stagiair van de HKU) heb uitgevoerd en waar Sander een verslag van heeft geschreven.

Zo’n 37 monitors zijn we gaan beluisteren en dat was zoals je je vast kan voorstellen een hele onderneming. Verschillende monitoren en modellen van merken als: M-Audio, Mackie, Bose, Tannoy, Genelec, KRK,  Edirol, Alesis, ESI, PMC, Fostex, Behringer, Adam Audio, Focal, Dynaudio, JBL, Yamaha en nog veel meer kwamen aan bod waarvan een aantal teleurstellend presteerden maar er ook een paar bij zaten die verrassend goed bleken te zijn. Sta je op het punt een stel monitors aan te schaffen dan is het zeker aan te raden de laatste Interface te kopen!

Mijn persoonlijke favoriet is de BM 5a Compact van Dynaudio. Dit is de kleinste telg uit de familie van Dynaudio maar beschikt grotendeels over dezelfde kwaliteiten als zijn broers. Aangezien het kleine formaat van deze luidspreker is het logisch dat het ontbreekt aan diep laag maar dat maakt de speaker goed door zijn natuurlijke klankbalans en detaillering.